Voetbalwereld geconfronteerd met staatssteun regels.

Redactie
-

Op 6 maart 2013 maakte de Europese Commissie bekend dat zij een nader onderzoek begint naar mogelijke overtreding van de staatssteun regels door vijf gemeenten ten aanzien van professionele voetbalclubs.

De aankondiging dat de Commissie deze onderzoeken is gestart volgt kort na de beschikking waarbij Nederland werd gelast € 6,9 terug te vorderen van een aantal bouwbedrijven wegens het toekennen van staatssteun bij de ontwikkeling van het Damplein in Leidschendam. 

Een aantal aspecten van deze nieuwste confrontatie tussen Brussel en Nederlandse gemeenten vallen op:

  • de voetbalsector blijkt geen ‘no-go area’ meer te zijn voor de staatssteun regels; juridisch is zij dat eigenlijk nooit geweest maar de Commissie keek tot nu toe in de praktijk wel beter uit dan zijn vingers te branden aan volksport nr 1; maar in oktober 2012 heeft zij alle lidstaten om informatie gevraagd over professionele voetbalclubs zodat het goed mogelijk is dat ook andere landen aan een nader onderzoek onderworpen zullen worden;
  • professionele voetbalclubs moeten gezien worden als ondernemingen waarop de staatssteun regels onverkort van toepassing zijn; dit wordt bevestigd door het feit dat de Commissie meldt dat zij heeft getoetst aan haar Richtsnoeren inzake reddings- en herstructureringssteun aan ondernemingen in moeilijkheden uit 2004; vooralsnog betwijfelt de Commissie of de maatregelen daarmee in overeenstemming zijn;
  • de bedragen waar het hier om gaat zijn, hoewel ruim boven de de-minimis norm van € 200.000, betrekkelijk laag voor een onderzoek door de Commissie; met uitzondering van het geval Eindhoven liggen ze onder de € 3 miljoen; waarschijnlijk wil Brussel een signaal afgeven richting voetbalsector en versterkt de Commissie dat door vijf gevallen tegelijk aan te pakken; een steun in de rug voor dit beleid is de gezamenlijke verklaring van Eurocommissaris Almunia en UEFA voorzitter Platini van maart 2012 waarin gesteld wordt dat proefvoetbalclubs niet meer mogen uitgeven dan dat er binnenkomt (Financial Fair Play: ‘live within your means’ or ‘break even’);
  • in alle gevallen omvatten de gemeentelijke maatregelen transacties die betrekking hebben op onroerend goed: koop of huur van een stadion, koop van gronden, erfpacht, koop van een trainingscomplex; na de beschikking Leidschendam zijn opnieuw Nederlandse onroerend goed transacties door de Commissie in het vizier genomen.

Het nader onderzoek betreft de volgende gevallen:

  • Nijmegen heeft in 2010 het verwervingsrecht van NEC afgekocht voor € 2,2 miljoen;
  • Maastricht heeft in 2010 afgezien van een vordering van € 1,7 miljoen en kocht ook het stadion voor € 1,85 miljoen;
  • Tilburg heeft in 2010 met terugwerkende kracht de huur van het stadion verlaagd wat Willem II een voordeel bezorgde van € 2,4 miljoen;
  • Eindhoven kocht in 2011 gronden van PSV voor een bedrag van € 48,385 miljoen en gaf deze vervolgens in erfpacht uit aan deze club;
  • Den Bosch heeft in 2011 afgezien van een vordering van € 1,65 miljoen op FC Den Bosch en kocht hun trainingscomplex voor € 1,4 miljoen.

Overigens maakte de Commissie ook bekend dat een onderzoek naar maatregelen van de gemeente Arnhem gestaakt werd. Deze gemeente had in 2008 besloten af te zien van € 11,7 aan vorderingen op Vitesse. Reden om Arnhem niet nader te onderzoeken was gelegen in het feit dat deze maatregel wel marktconform was.

Naar verwachting zullen de vijf nadere onderzoeken een-twee jaar in beslag nemen.

Persbericht Europese Commissie 6 maart 2013: grondig onderzoek naar overheidsfinanciering vijf Nederlandse profvoetbalclubs

Wilt u zich beter later informeren over alle ins- en outs rond staatssteun of heeft u een concrete businesscase waar u advies bij wenst? Neem contact met ons op